Wijnweetje: waarom zou ik mijn (rode) wijn decanteren en hoe doe ik dat?

Het hoe en waarom van wijn decanteren

Als je een verfijnd wijndrinker bent en regelmatige oude (rode) wijnen drinkt dan ben je ongetwijfeld bekend met de term decanteren. Drink je echter zo nu en dan een glaasje bij het avond eten of in de gezelschap van visite dan is deze term wellicht minder bekend. In deze blog lees je meer over wat decanteren is, waarom en hoe dit dan moet. 

Wat is decanteren?

Decanteren is niet een begrip dat voornamelijk alleen door wijnkenners wordt gebruikt. Decanteren is namelijk een scheidingsmethodiek die veelal in de scheikunde wordt gebruikt. Scheikundige gebruiken dit om een mengsel van twee stoffen met een verschillende dichtheid te scheiden. In de meeste gevallen zal de stof met de grootste dichtheid (veelal een vaste stof) onderin verzamelen en de stof met de kleinere dichtheid (veelal vloeistof) bovenin. 

In de wijnterminologie is decanteren het scheiden van droesem (vaste stof) van de wijn (vloeistof). 

Het is niet ongebruikelijk om witte wijn te decanteren, maar vaak wordt de decanteermethodiek gebruikt bij het decanteren van (oude) rode wijnen. Omdat het gebruikelijker is om (oude) rode wijnen te decanteren, zullen wij hier ons aandachtig op richten. 

Waarom rode wijn decanteren? 

Waarschijnlijk is het je ooit wel eens opgevallen dat een wijn een troebele kleur heeft? Dat is niet geheel onlogisch. Op het moment dat de wijn gebotteld is, stopt het vinifcatieproces. Desondanks gaat het ontwikkelproces in de fles verder. Dit noemt men flesrijping. In rode wijn zitten o.a. kleurstoffen en tannine. Tijdens het persen van de druiven zorgen de druivenschillen voor kleur en tannine. Deze twee stoffen reageren op elkaar in de fles, waardoor een soort drab ontstaat. Deze drab noemt men droesem en kent een vaste gedaante. Het beste vergelijk je dit met koffiedrab. Tijdens het persen van de wijn kunnen ook kleine deeltjes schil achterblijven in de vloeistof, wat door bezinking naar de onderkant van de fles drijft en daar blijft liggen. 

Wijnweetje: het is meer een flesweetje, maar ooit afgevraagd waarom de meeste wijnflessen een holle bodem hebben? Juist! Lees hier meer over de functie van de holle bodem. 

De droesem zorgt voor een troebele rode wijn. Dit is overigens heel normaal en en het drinken van deze droesem is totaal niet (meer dan de wijn zelf, 18+) schadelijk. Het is vooral minder comfortabel en verminderd mogelijk je drinkervaring. 

Dus de reden waarom je rode wijn wilt decanteren is om de droesem (vaste stof) te scheiden van de wijn (vloeistof). 

Hoe decanteer je rode wijn? 

Rode wijn decanteren is geen grote uitdaging. Wel zijn er degelijke verschillen tussen decanteren en karafferen wat vaak door elkaar wordt gehaald. Ook is er een verschil tussen een normale karaf en een decanteerkaraf. Wij leggen het verschil uit en geven ons advies voor het decanteren en karafferen van rode wijn. 

Verschillende karaffen 

Op het internet vind je tal van verschillende karaffen. En geef toe, hoe leuk is het om een karaf te gebruiken wanneer je bezoek hebt. Een karaf heeft veelal een smalle hals een een dikke buik. Naast dat dit een leuk beeld geeft, heeft dit natuurlijk ook een functie.

Het is belangrijk om te weten dat de dikke buik in combinatie met een brede hals zorgt voor toevoegen van extra zuurstof. Zuurstof zorgt ervoor dat diverse aroma's en smaken vrijkomen. Zuurstof toevoegen aan de wijn doe je bij alle wijnen, maar jonge wijnen gedijen het beste bij deze techniek. Jonge wijnen kunnen doordat ze weinig tijd hebben gekregen in de fles om verder te ontwikkelen, gesloten overkomen. Dit merk je bij het drinken vooral door het stroeve mondgevoel en moeilijk ruiken van de fruitige geuren. Door de techniek van de karaf voeg je direct een forse dosis zuurstof toe, wat de smaak en aroma ten goede komt. Wel is het belangrijk om daarvoor dan een karaf te gebruiken met een brede hals. 

Bij oude wijnen kan dit zelfs averechts werken, daar het te snel toevoegen van extra zuurstof zorgt dat de wijn te snel doorontwikkeld. Deze ontwikkeling kan ervoor zorgen dat de smaken juist minder worden. Bij oude wijnen gebruiken wij dus een karaf met een smalle hals. 

Er zijn dus twee type karaffen voor twee type technieken: zuurstof toevoegen aan de wijn of scheiden van de droesem van de wijn. 

Type 1: karaf met een brede hals en dikke buik (voor jonge wijnen om extra zuurstof toe te voegen). 

Type 2: karaf met een smalle hals en dikke buik (voor oude wijnen om de de droesem te scheiden van de wijn). 

Hoe ga je te werk bij het decanteren en karafferen van rode wijn?

We beginnen met het scheiden van de droesem van de wijn (decanteren van de wijn). De eerste stap die je neemt is het tijdig rechtop zetten van de wijnfles (12-24 uur voor drinken). De droesem zakt hierdoor al voor een groot deel naar de bodem van de fles. Vervolgens ga je de wijn overschenken. Selecteer een karaf met een smalle hals. Maak de fles open en schenk deze heel rustig (zonder te veel kloten) over in de karaf. Maak gebruik van een lichtbron onder de hals van de fles om te zien wanneer de wijn troebel wordt. Stop dan met overschenken. Even wegzetten zodat de wijn kan rusten en dan rustig overschenken in je glas. 

Bij jonge wijnen mag het allemaal wat minder soepel (karafferen van de wijn). Selecteer een karaf met een brede hals. Open de wijn en schenk met veel bravoure de wijn over in de karaf (veel klotsen mag). Hoe meer zuurstof hoe beter dit de ontwikkeling van de wijn versneld.  

Laat een reactie achter